maandag 16 februari 2009

Eerste indrukken van Santiago de Chile


Vanmorgen werd ik wakker van de geluiden van auto's die over het slechte wegdek crossen, werkende bouwvakkers die af en toe wat naar elkaar schreeuwen en de overige geluiden van deze miljoenen stad.
Na een lange en vermoeiende reis ben ik goed aangekomen op Echaurren 508, het flatje is perfect, klein, knus en gezellig. Ik ben verwelkomd door een aardige en lieve chileense studente, Miriam, en haar vriend.
De eerste indrukken: wat een bergen! Santiago de Chile is een redelijk platte stad (je ziet veel mensen fietsen!) en het contrasteert daarom ook enorm met de waanzinnige bergketen die aan één kant uit de aarde rijst. Doordat het een stad is van smog en het over het algemeen altijd mistig is kun je de bergtoppen niet zien en lijken deze monsters oneindig. Tip van Miriam: na een regenbui de Cerro Santa Lucia op gaan die een uitgestrekt uitzicht biedt over de stad.
Aan de andere zijde strekt zich een vlakte uit die ooit een keer de zee zal ontmoeten.
Op de ene of andere manier voelt dit al een beetje thuis, ik heb het gevoel dat ik bij mijn vriendin Marta in Lissabon op bezoek ben. Door de geluiden, de geuren, door de zon maar waarschijnlijk ook door het gezelschap.
Gisteren kreeg ik een uitgebreide tour door een deel van de stad. Het centrum is hier redelijk dichtbij en Miriam en haar vriend hebben mij een hoop verteld wat ik helaas niet allemaal heb kunnen onthouden. Vooral gewezen op de verschillende soorten mensen die hier rondhuppelen en hun namen... een bepaald soort meisjes die zich aankleden zoals die uit japanse strips (korte rokjes, staartjes in, strake truitjes met een knal-kleurtje) en ze worden iets als pokemón genoemd.
Cerro Santa Lucia een bergje in het midden van het centrum met een oud kasteeltje van een Spaanse jonkheer dat nu voor evenementen gebruikt wordt. Dit is hét ontmoetingsplek van de chileense geliefden, op elk bankje, elk hoekje, elk torentje zit wel iets. Je kunt je wel voorstellen dat ik me een beetje overbodig voelde samen met Miriam en haar vriend.
En dan een wijk in waar de alternatieven van de stad elkaar treffen. Vlakbij het Museum van Bellas Artes (kunstmuseum) en het Parque Florestal (de groene long van Santiago, een park dus). Veel kunstenaars die hun kunstjes komen tonen aan de toeristen (zowel chilenen als amerikanen) in ruil voor geld. Het is een wirwar van mensen die heen en weer lopen en de tip van de dag is: zelfverzekerd voor je uit kijken, je tas goed vasthouden en een beetje gemeen kijken. Zo heeft Miriam nog heel veel andere goede tips om te overleven in deze stad.
Wat betreft de mensen, zijn de chilenen die ik tot nu toe heb ontmoet communicatief en vriendelijk. Ze vragen waar je vandaan komt en ze zuchten subtiel van opluchting als ik hun vertel dat ik uit Nederland kom (en dus niet een 100% gringa ben, gringa = blanke persoon, vooral afkomstig uit de VS). En dat vinden ze leuk want Nederlanders zijn hier een echte uitzondering. Veel Amerikanen natuurlijk, Mexicanen, Argentijnen en wat massaal uit Europa overkomt om hier te studeren zijn vooral Fransen!
Wat betreft de stad, de buurt waar ik woon is niet erg mooi (oude huizen, huizen die vlak naast elkaar zijn gebouwd en in alle soorten stijlen) maar het is een veilige buurt. Het centrum is een rommeltje, vies, veel lelijke gebouwen en wat nog over is van de Spaanse bezetting is grijs geworden van de luchtvervuiling. Maar...de stad is groot en wat ik gisteren heb gezien is ook maar een kleine gedeelte ervan.

Nog even als reactie op Paul zijn scheppingsverhaal van Ecuador, vandaag heb ik het scheppingsverhaal van Chile gelezen:
"Toen God de wereld schiep had hij een handvol van alles over - bergen, woestijnen, meren, gletsjers - en dat deed ie allemaal in zijn broekzak. Maar weet je, daar zat een gat in en terwijl God de hemel doorkuisde viel daar een straaltje uit en deze lange baan die zich op aarde heeft gevormd was Chile."


Liefs, Wies

Geen opmerkingen: